9. De vrachtwagen

Zware, grote wielen draaien rond
en stuwen zware massa’s voort.

Vele kilometers lang
beweegt het gevaarte ongestoord. 


Bestuurd door een echte kerel.
Robuust en onvervaard
rijdt hij van stad naar stad
langs korenveld en gaard.

 
Slapen in de cabine
en lunchen langs de weg
ver van huis en haard
niet bang voor tegenslag of pech


De regen spettert op de ruiten.
Storm en koude deert hem niet.
Hij rijdt maar door en door
en voelt zich onbespied.
 
Bij thuiskomst wacht een warm onthaal
Hij is lang weggeweest
van dierbaren en geliefden thuis.
Dus wordt de ontvangst één groot feest