Sollicitatiegesprek

Daar zit hij dan, drie kwartier te laat en nog zwetend van de inspanning om nog een beetje op tijd te komen.
De man tegenover hem kijkt strak, misschien zelfs boos naar de jongeman.
‘Zo, meneer Albert Swinkerling, dit is geen beste beurt, hè, om zo te laat te komen.’
‘’t Spijt me meneer, maar de trein kwam niet opdagen.’
‘Dan had je toch een trein eerder kunnen pakken?’
‘Had ik gedaan, zelfs 2 treinen eerder, om zeker op tijd te komen. Maar het spoorverkeer van Utrecht naar Den Haag ligt helemaal plat.’
‘Dat is niet zo best. Als je bij ons komt werken, zou dat natuurlijk vaker kunnen voorkomen. En dat kunnen we hier niet hebben. Dat begrijp je toch wel?’
Albert dacht bij zichzelf: wat doe ik hier eigenlijk nog.
Die oudere man op station Utrecht wachtte ook op de trein. Hij had naar Albert gewenkt om te komen en zo waren ze met elkaar aan de praat geraakt.
‘Jongeman,’ sprak hij op deftige toon, ‘we kunnen elkaar misschien helpen. Ik heb gisteren mijn chauffeur moeten ontslaan, omdat hij gereden heeft onder invloed. Zelf kan ik helaas geen lange ritten meer chaufferen. Zou jij me misschien in mijn automobiel naar de Hofstad willen brengen?’
En zo kwam het dat hij in een prachtige zilvergrijze Bentley in Den Haag is gekomen. Dicht bij zijn bestemming heeft hij afscheid genomen met een nieuwe baan op zak als chauffeur en technische man van de heer Toetselaar tot Hooghaelen. Omdat de baron tijdens het gesprek in de auto vernam, dat Albert werkloos was, heeft hij hem deze mooie baan aangeboden.
‘Je lijkt me een betrouwbaar persoon en als je niet drinkt, kan je bij mij in dienst komen.’
Het aangeboden salaris beviel Albert bijzonder goed, dus had hij meteen ja gezegd. En nu zit hij hier. Waarvoor eigenlijk? Neen, denkt hij, ik moet hier weg. Albert staat op, geeft de man een hand en zegt: ‘Ik hoef de baan niet. Bedankt voor het sollicitatiegesprek.
De ander staat Albert stomverbaasd aan te gapen. Dit had hij nog nooit meegemaakt.