De rode jurk


Ha, heerlijk, zaterdag. Fijn in de tuin in het zonnetje zitten en op mijn gemakje de krant doorspitten. Zo meteen komt vrouwtje thuis met boodschappen. Meestal wil ze alleen gaan winkelen. Ze voelt zich met mij erbij zo opgejaagd, zegt ze. Ik vind het prima zo. Intussen kan ik mijn eigen ding doen. Straks wat klussen in de schuur, gras maaien en daarna een column schrijven voor mijn website. Ik ga mijn zaterdag nuttig besteden. Maar waarover zal ik schrijven? Hopelijk krijg ik nog inspiratie.

Na een uurtje hoor ik de auto aankomen en ik help natuurlijk met uitladen.
‘Ik heb de koffie klaar staan, schat. Dat heb je wel verdiend,’ zeg ik troostend, terwijl ik een zware tas naar binnen sjouw.
‘Nee, nee, ik hoef geen koffie,’ protesteert ze gehaast. ‘Ik moet nog naar de stad.’
‘De stad? Wat moet je daar doen?’
‘Morgen moeten we naar de club en ik heb niks om aan te trekken.’
‘Dat tennisfeestje? Kom nou. Hoef je toch niet wat nieuws voor te kopen?.’
‘Natuurlijk wel. Anders denken al die vrouwen dat je met een slons getrouwd bent.’
‘Jammer. Dan moet ik dus alleen koffie drinken?’‘Nou nee, je drinkt helemaal geen koffie. Ik wil dat je meegaat. Je moet me helpen kiezen.’
‘Ik? Ik heb toch geen smaak, zeg je altijd?’
‘Kom op. Niet zeuren. We gaan,’ besliste ze voor mij.

En dus liepen we een half uurtje later in de stad en gingen winkel in, winkel uit. Vele kleedjes werden aan- en uitgetrokken. Ik werd steeds depressiever en bedroefder. Al mijn plannen voor de middag vielen in duigen.
De ene keer werd het exemplaar afgekeurd door mijn vrouw, dan weer door mijzelf, of we vonden het te duur.
Eindelijk! Eindelijk werd het juiste toiletje gevonden. Een felrood jurkje, vrolijk wapperend om haar benen en mooi kort tot even boven de knieën. Ik moet zeggen het stond haar geweldig. Ik glunderde van trots en ik had meteen een mooi onderwerp voor mijn stukje, dat ‘De rode jurk’ zou gaan heten. Mijn zaterdag kon niet meer stuk.

24-02-2014