De twee chaoten
                     Deel 2: Vertwijfeling 

In deel 1 van het verhaal over twee  warhoofden, vertelde ik onder meer dat ik met beide partijen op de dag van de notariële overdracht een afspraak had om te controleren of de woning leeg en netjes was achtergelaten. Deze dag zou ook weer de nodige chaotische toestanden opleveren.
 

Vrijdagmiddag 15:00 uur, één uur voor de notariële overdracht. Mooi op tijd stond ik dus voor het pand te wachten voor de woninginspectie, maar er verscheen niemand. Uiteindelijk ging ik maar alleen naar binnen om te kijken hoe de woning was achtergelaten.
Mijn hemel, wat schrok ik bij het zien van de chaos. Overal lagen dozen, verfpotten, kwasten, kranten, planken, dode planten en allerlei andere waardeloze rommel. Het toilet leek op een rommelige bergkast met flessen, schoonmaakspullen, toiletrollen, en parfumflesjes. Ik vroeg me af hoe iemand het lef had zoveel zooi achter te laten.

Met deze kennis ging ik naar de notaris. Daar zat de hypotheekadviseur van Van Hoof al in de wachtkamer.
Na enige tijd verscheen de notaris met de mededeling: ‘De heer Groot belde zojuist. Hij staat momenteel in een file.’ 
‘Nou ja,’ reageerde ik, ‘gelukkig is hij in ieder geval onderweg.’
‘Ook de koper komt later,’ ging de notaris verder. ‘Hij heeft zijn vliegtuig gemist. Hij komt nu met een taxi. Dus voorlopig even geduld, heren.’
Het waren geen leuke mededelingen, maar in ieder geval waren beiden in aantocht.
Wij, de hypotheekadviseur en ik, moesten de tijd dus doorkomen door wat met elkaar te kletsen over hypotheekzaken, problemen op de woningmarkt, renteontwikkeling, en dergelijke.
‘Normaal ga ik nooit naar een overdracht,’ sprak de ander, ‘maar in dit geval heb ik een uitzondering gemaakt. Er is al zoveel mis gegaan; verkeerde loonstrook, afspraken die niet nagekomen werden, enzovoort.’
‘Vertel mij wat. Ik had dezelfde toestanden,’ beaamde ik. ‘Maar dan wel met twee partijen, hahaha.’
Zo probeerden we met het vertellen van wat anekdotes over deze vreemde snoeshanen de tijd wat te doden.

Na drie kwartier waren we eindelijk compleet, met uitzondering van de echtgenote van Groot, maar daarvoor was een volmacht geregeld. Tenminste, dat dacht ik.
Toen de notaris de akte wilde gaan voorlezen vroeg hij: ‘Waar is uw vrouw, mijnheer Groot? Ik zie hier in de akte dat u getrouwd bent.’
‘Die is aan het werk.’
’Uw vrouw had hier moeten zijn om te tekenen, mijnheer Groot.’
Nu kwam de grote chaoot pas echt op dreef. ‘Ik heb de volmacht hier bij me, hoor. Die hebben we bestudeerd en mijn vrouw heeft hem netjes getekend,’ sprak hij vol trots. En met een brede armzwaai overhandigde hij het formulier aan de notaris.


Deze keek nu wanhopig naar het plafond, hief zijn armen omhoog en riep vertwijfeld: ‘Mijnheer Groot, deze verklaring is niet gelegaliseerd. Hier kan ik niets mee. De bedoeling was dat uw vrouw vooraf op kantoor was gekomen om de volmacht onder mijn toezicht te tekenen. Dat staat in de begeleidende brief. Omdat ze niet kwam opdagen, zijn we er van uitgegaan dat mevrouw hier nu persoonlijk aanwezig zou zijn.’

Daar gaat het transport, dachten we. Behalve Groot zelf, want ineens veerde hij op. Kennelijk kreeg hij een lumineus idee: ‘U kunt de volmacht toch even naar het ziekenhuis mailen, notaris? Als u dan met mijn vrouw skypet kan ze onder uw toezicht tekenen en terugmailen.’
’Skypen?’, informeerde de notaris verbaasd.
‘Dat is beeldbellen.’
‘Ja dat weet ik ook wel. Maar dat zal niet gebeuren, mijnheer Groot. U belt uw vrouw nu zelf op en zegt haar dat ze onmiddellijk hier naar toe moet komen, met een geldig indentieteitsbewijs natuurlijk. Anders gaat de hele boel niet door.‘

Wat een toestanden.  Alles stond weer op losse schroeven en dat dankzij een onnozele advocaat.


      (wordt vervolgd)
      28-07-2020

Morgen het slot: Telefoonterreur