De pianist

Muziek kan soms tot bijzondere situaties leiden. Mijn vrouw bijvoorbeeld, waar ik al heel lang mee getrouwd ben, werd als tiener verliefd op een pianist. Niet eentje die bekend, laat staan beroemd, was. Nee, ze had deze pianist zelfs nog nooit gezien, ontmoet of gesproken. Het enige wat ze wist, was dat hij woonde in een wijk waar ook een nichtje van haar woonde, ergens aan de andere kant van de stad waar ze zelf woonachtig was.
Tijdens een wandelingetje met haar gehandicapt nichtje in de onbekende buurt, hoorde ze vanuit een hoekwoning pianomuziek klinken. Tussen de planten op de vensterbank door kon ze zien dat het een jongeman was die op een piano zat te pingelen. Om de hoek in de andere straat bleef ze staan om naar het deuntje te luisteren en van het pianospelen te genieten. Haar hart maakte een sprongetje van verrukking.
Vanaf die dag ging ze vaker met het meisje wandelen. Dan ging ze steevast langs het hoekhuis in de hoop de jongeman weer te horen spelen. Maar de pianist zat vaker niet dan wel op de toetsen te pingelen. Heel teleurstellend was dat natuurlijk voor haar.
 

Zelf probeerde ik als kind ook wat riedeltjes te spelen op een piano. Regelmatig kocht ik op de markt voor een paar dubbeltjes enkele muziekbladen, of een album met songs die ik dan na wat oefenen een beetje kon spelen. Ik vond het leuk, maar eerlijk gezegd was het allemaal nogal amateuristisch en niet erg gepolijst.
Dankzij mijn lieve moeder mochten enkele pianoleraren mij onder handen proberen te nemen. Maar elke keer mislukte het lesgeven na een aantal weken, of maanden omdat ik niet gemotiveerd kon worden met études, sonates, of andere klassieke liederen.
In tegenstelling tot mijzelf hield mijn moeder wel vol en uiteindelijk kwam ik bij een leraar terecht die mij de luchtige stijl aanleerde van de na de oorlog beroemde Amerikaanse pianist Charlie Kunz; heel ritmisch en lichtvoetige muziek.

Toen ik op een dansfeest voor het eerst mijn vrouw ontmoette, wist ik natuurlijk niets van haar kalverliefde voor een pianist. Ik was meteen verkocht. Liefde op het eerste gezicht noemt men zoiets. Of het door de onbeantwoorde liefde was weet ik niet, maar op de eerste afspraak liet ze mij mooi een blauwtje lopen. Dat pikte ik natuurlijk niet. Ik wist haar adres te achterhalen en stuurde haar een ansichtkaartje. Daarna maakte ik een nieuwe afspraak en dat leverde meer succes op.
 

Na enige tijd nodigde ik haar uit, zoals het hoort, om kennis te maken met mijn ouders. Ik haalde haar op met mijn motorfiets en toen ze afstapte, keek ze vol verbazing eerst naar het huis en vervolgens naar mij.
Verbijsterd vroeg ze: ‘Woon jij hier, Jules?’
‘Ja natuurlijk, anders zet ik je hier niet af.’
Toen vertelde ze mij voor het eerst over haar verliefdheid op de pianist in het hoekhuis waar ze nu voor stond. Die pianist was ik dus.
 

Dankzij mijn moeder was mijn vrouw dus al verliefd op mij vóór we elkaar ooit hadden gezien. Hoe wonderlijk kan muziek


01-07-2021